Een wijze les van mijn tevreden dochter

Het is 10 uur ’s ochtends. De Man en Sterre zijn koffie gaan drinken bij het zwembad. Lenthe komt slaapdronken het terras bij ons huisje op gelopen. Ze gaat zitten in de stoel tegenover me en begint aan het mierzoete Spaanse broodje met poedersuiker dat ik voor haar uit het zakje haal. Ach ja, het is vakantie.

Welk land past beter bij je bui?

‘Mam,’ begint Lenthe, ondertussen kauwend op het broodje. ‘Als jij een dag in een ander land op vakantie zou mogen zijn, welk land zou dat dan zijn?’ Ik denk even na. Ik twijfel tussen Amerika (New York) en Indonesië (Bali). Lenthe besluit me te helpen: ‘Je kan kijken welk land beter bij je bui past’. ‘Dan kies ik nu voor Bali in Indonesië’ antwoord ik haar. Want ik ben in een eiland-achtige bui. Ze lijkt tevreden met het antwoord.

Andere moeders helpen

‘Mam,’ gaat Lenthe verder, ‘wat zou jij voor werk doen als je alles kan kiezen?’

Zonder nadenken rolt het antwoord uit mijn mond: ‘Ik zou boeken schrijven die andere moeders helpen’. Ik ben er zelf even stil van. Ik vind het nogal een statement, een boek willen schrijven. Mijn hersenen gaan meteen in overdrive. Want hoe dan? Wat dan precies? En er zijn toch al genoeg boeken die andere mensen helpen, wat heb ik nog toe te voegen?’

Zonder twijfel of bravoure

Maar ik roep de wervelwind aan gedachten een halt toe en richt mijn aandacht weer op Lenthe en ons gesprek. ‘En jij, wat voor werk wil jij later doen?’ vraag ik aan haar.

‘Ik wil ook iets doen met mensen helpen. Ik ben heel tevreden met mezelf en dan kan ik andere mensen helpen ook tevreden met zichzelf te zijn.’

Ze zegt het zonder twijfel, maar ook zonder bravoure, alsof het volslagen logisch is, alsof het een uitgemaakte zaak is. Mijn jongste dochter van net 7 jaar.

Zaken van de zonnige kant zien

En voor haar is het ook logisch. Ze heeft de kwaliteit om zaken – en zichzelf – van de zonnige kant te zien. Positief, maar realistisch. Ze weet wat ze al wel en nog niet zo goed kan. En wat ze nog niet zo goed kan en en wel wil kunnen, dat oefent ze. Zonder zich uit het veld te laten slaan. Op school is het duidelijk dat ze anderen graag helpt, maar ook prima voor zichzelf opkomt en om hulp kan vragen. Voor Lenthe is het logisch dat ze tevreden met zichzelf is.

Niet als excuus

‘Ik ben tevreden met mezelf’. Hoe vaak zeggen we dat tegen onszelf? Of over onszelf tegen anderen?

Niet ter bescherming van ons ego, niet om onszelf op te pompen of om onszelf beter voor te doen dan we zijn. Niet als excuus om te stoppen met groeien, want we zijn allemaal een werk in uitvoering. Maar gewoon als constatering, als erkenning dat je in de basis oké bent. Dat je er mag zijn.

Tevreden met jezelf

Wat zou het doen voor ons geluksgevoel als we vaker tevreden zouden zijn met onszelf?

Als we zouden erkennen dat we de moeite waard zijn, dat we doen wat we kunnen met de middelen die we hebben in de tijd die we hebben. Als we zouden erkennen dat we ook maar mensen zijn. En als we meer aandacht zouden besteden aan wat wel goed gaat dan aan wat (nog) niet goed gaat.

Wat zou het doen met ons geluksgevoel als we open naar onszelf kunnen kijken en – met erkenning van waar we nog in kunnen groeien – durven zeggen: ‘Ik ben tevreden met mezelf’?

Food for thought

Ben jij tevreden met wie je bent? Kun je zien dat je doet wat in jouw vermogen ligt, met de middelen en de tijd die je hebt en kun je daar – in de basis – tevreden mee zijn? Of let je meer op de dingen die je (nog) niet zo goed afgaan of die je niet leuk vindt aan jezelf? Hoe zou een andere blik op jezelf kunnen bijdragen aan jouw geluksgevoel?

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *